Elze van de Wetering

Kwartierstaat
Elze van de Wetering

Kwartierstaat van Elze van de Wetering

Elze is de hoofdpersoon van deze website. Het onderzoek naar de voorouders begint bij haar. Deze kwartierstaat eindigt bij de acht overgrootouders. Deze overgrootouders krijgen hieronder een eigen kwartierstaat.

  • Periode: 1849 - heden.
  • Namen: van Asselt, Boers, Borst, van Bruggen, Hoogendoorn, Mulder, van der Stouwe, van de Wetering
  • Plaatsen: Brunnepe, Bussum, Deventer, Huizen, Kampen, Lopik, Wilsum, Zwollerkerspel

Grafische kwartierstaat

Grafische kwartierstaat

Grafische kwartierstaat

Het resultaat van het onderzoek naar de voorouders op een grafische wijze weergegeven.

  • Periode: De eerste dertien generaties
  • Namen: Alle namen.
  • Plaatsen: Plaatsen in de Achterhoek, de IJsselvallei, de Veluwezoom, op de Noord-Veluwe, op Kampereiland, in het Gooi en rondom de Lek.

Familie Van de Wetering

Overgrootvader
Hendrik van de Wetering

Kwartierstaat van Hendrik van de Wetering

Deze tak wordt door Jan van de Wetering beschreven in zijn boek 'Vergeten levens'. Een mooi boek dat zich laat lezen als een roman.

Een hoofdrol is weggelegd voor Hendrikus Jans van de Wetering, geboren in 1765 en overleden in 1842. Hij wordt door het Franse leger en de watersnood van 1825 zwaar getroffen. Hierop vertrekt hij uit Zalk om na enkele jaren toch weer terug te keren in Wilsum.

  • Periode: Negen generaties. De kwartierstaat begint eind 16e eeuw en eindigt in 1926 bij het overlijden van Hendrik van de Wetering
  • Namen: Dijk, Foks, Langevoort, van der Weerd, van de Wetering, Zonneberg
  • Plaatsen: Dalfsen, Hattem, Kampen, Kampereiland, Kamperveen, Wilsum, Zalk, de Zande, Zuideinde

Familie Van Asselt

Overgrootmoeder
Hilligje van Asselt

Kwartierstaat van Hilligje van Asselt

In het boek 'Geschiedenis van Doetinchem' wordt een hoofdstuk besteed aan de revolutionaire periode ten tijde van Stadhouder Willem V. Er bestaat veel onvrede over de plaatseijk heersende elite, de corruptie en vriendjespolitiek. Peter Burgemeister eist in deze voor zich zelf een bescheiden rol op in de geschiedenis.

  • Periode: Elf generaties. De kwartierstaat begint eind 16e eeuw en eindigt in 1914 bij het overlijden van Hilligje van Asselt
  • Namen: van Asselt, van Baak, van der Beek, Bessem, Boeve, Boonen, Borgers, Broenissen, Burgemeester, Burgers, in den Dam, van Dieren, Dondas, Eijlander, Engelbron, Gommersbach, van Grol, Horst, Kleij, Loos, Lövenich, Nooteboom, van Nues, Sas, Sluijmers, Smit, Teerinck, van Vaassen, Vaerst, Vlieck, Vosselman, Wiemelink
  • Plaatsen: Amsterdam, Arnhem, Assel, Brummen, Deventer, Doetinchem, Dordrecht, Elspeet, Emmerich (D), Emst, Epe, Genderingen, Hattem, Heerde, IJsselmuiden, Kamperveen, Keulen (D), Kleef (D), Lippstadt (D), Lobith, Oene, Oldebroek, Vollenhove, Vorchten, Wapenveld, Wilsum, Zutphen

Familie Van der Stouwe

Overgrootvader
Hendrik Kers van der Stouwe

Kwartierstaat van Hendrik Kers van der Stouwe

Op 21 april 1742 krijgt Tijmen Cornelissen Vis consent tot het houwen van bomen. Deze frase komt uit de serie 'De herengoederen op de Veluwe'. Uit de tak van Van der Stouwe komen veel voourouders van de Noord-Veluwe. Zij zijn als horige gebonden aan één van de vele boerderijen met land in bezit van de hertogen van Gelderland. Vanaf de 15e tot en met de 18e eeuw zijn acten beschreven waarmee veel familiebanden zijn gereconstrueerd. Wie met zijn genealogisch onderzoek vast loopt en een link heeft naar de Veluwe zal deze unieke serie eens moeten raadplegen.

  • Periode: Elf generaties. De kwartierstaat begint begin 17 e eeuw en eindigt in 1918 bij het overlijden van Hendrik Kers van der Stouwe. Hij overlijdt als gevolg van een te zware narcose bij een chirurgische ingreep.
  • Namen: Backer, Bonestro, van den Bosch, Bucking, Coops, van Dijk, Gangolf, de Groot, Hulleman, Kerel, Kragt, Ponsteen, Prins, Riphagen, Schuurman, Steenbergen, van der Stouwe, Stuurop, Veldkamp, Velthuis, Vinke, Visch, Vos, van der Weerd
  • Plaatsen: Bentheim (D), Bijssel, Brunnepe, Doornspijk, Elburg, Hoophuizen, Hulshorst, IJsselmuiden, Kampen, Kampereiland, Kamperveen, Mastenbroek, Nunspeet, Nijbroek (Voorst), Oldebroek, Oosterwolde

Familie Van Bruggen

Overgrootmoeder
Geesje van Bruggen

Kwartierstaat van Geesje van Bruggen

De stad Kampen is een rijke stad geweest, waar geen belasting werd geheven. Deze rijkdom is afkomstig van de verpachting van landerijen. De boeren konden de hoge pachtsom opbrengen door de goede kwaliteit van het gewas dat tot de beste van Nederland behoort. Doorgaans wordt de boerderij met land voor een periode van tien jaar gepacht. Daarna volgt een veiling waarbij de boeren tegen elkaar opbieden voor een nieuwe periode.

Grooten heeft met zijn boek 'Pachters van de stadserven op het Kampereiland' een doorwrocht document gemaakt. Van zes eeuwen en van 180 boerderijen zijn de hoofdpachters uitgezocht. Vele voorouders van Geesje van Bruggen blijken van Kampereiland te komen.

  • Periode: Tien generaties. De kwartierstaat begint eind 16e eeuw en eindigt bij het overlijden van Geesje Willems van Bruggen. Zij overlijdt als gevolg van keelkanker.
  • Namen: Beck, Blankhard, van Bruggen, van Dijk, Eimbertsen, van der Kamp, Kok, Mensink, van 't Oever, Pelkhof, Prins, van Regteren, Riesebos, Rietbergh, van Santen, Selles / Sellis, van der Ste(e)ge, de Velde, Wagter, van der Weerd, van der Werf, Westera, Wolffsen
  • Plaatsen: Emmerich (D), Den Ham, Grafhorst, Heino, Kampen, Kampereiland, Kamperveen, Mastenbroek, Oldebroek, Oud-Leussen, Uelsen (D), Veecaten, Wilsum, IJsselmuiden, Zalk, de Zande, Zuideinde

Familie Mulder

Overgrootvader
Hendrik Mulder

Kwartierstaat van Hendrik Mulder

"Kleinen stelen en Groten stelen. Groten stelen het meest". De kleine dief Dirck Spilt ontsnapt aan de galg en komt er af met een veroordeling tot geseling en verbanning. De schout Killewigh, die Spilt arresteerde heeft echter het dorp Huizen opgelicht voor enorme bedragen. Killewigh weet met een deel van de buit te vluchten naar de vrijstad Vianen, waar het Hollandse gerecht geen bevoegdheid heeft.

Wat schetst de verbazing, als de zoon van Killewigh huwt met een zekere Spilt.

  • Periode: Vijftien generaties. De kwartierstaat moet al beginnen eind 15e eeuw. De eerste bekende data stammen van begin 1500. De kwartierstaat eindigt in 1905 bij het overlijden van Meeuwis Mulder.
  • Namen: Backer, Beris, Bunschoten, Delhee, Diepgront, Dijcks, de Groot, Hoekert, Horst, van der, Kleinman, Killewigh, Kooij, Mulder, van Oostveen, den Oude, Pater, Ploos van Amstel, Poth, Ruiter, Schutte, Snijder, Spilt, Teeuwissen, Timmers, van Vliet, Vos
  • Plaatsen: Blaricum, Breukelen, Crailo, Epe, Heerde, Huizen, Holten, Loosdrecht, Naarden, Wapenveld

Familie Boers

Overgrootmoeder
Hendrika Boers

Kwartierstaat van Hendrika Boers

In 1768 komt op 70 jarige leeftijd Harmina Swijnenbergh om bij een boerderijbrand. Twee van haar kleinkinderen zijn ook slachtoffer. De veldwachter Harmen Barink constateert dat er niets dan beenderen rest.

  • Periode: Twaalf generaties. De kwartierstaat begint in de 16e eeuw en eindigt in 1956 bij het overlijden van Hendrika Boers.
  • Namen: Barvelink, Bergboer, Boer in 't Hof, Boers, Bonnet, Brinckman, Collant, Collert, Didderink, Enserink, Goltkuyl, Hekkert, Hesselink, Klein Ilsink, Joostink, Kooldenkolk, Korterink, Langenberg, Meulenkamp, Nijbroek, Nijhuis, Oink, op de Plumpe, Rattink, Rieterink, Snijder, Sweverink, Teerink, Tiessink, Vegerink, Veldmaat, van Velthuijsen, Wibbelink, Wijngaards, Zwijnenberg
  • Plaatsen: Almen, Averlo, Apeldoorn, Barchem, Bathmen, Colmschate, Deventer, Diepenveen, Dochteren, Gorssel, Hellendoorn, Lochem, Terwolde, Vorden, Zutphen

Familie Hoogendoorn

Overgrootvader
Cornelis Hoogendoorn

Kwartierstaat van Cornelis Hoogendoorn

Binnen de familie gaat een anekdote rond waarvan wij niet weten of dit op werkelijkheid berust. Een familielid zou werken op een plantage in Meester Cornelis – West Java Indonesië. De plantage-eigenaar had kind nog kraai en zou bij zijn overlijden geld en goed hebben toebedeeld aan zijn naaste medewerker (ons familielid). Deze medewerker komt te overlijden en de familie in Nederland hoort pas na jaren dat er een erfenis zou zijn. In de jaren vijftig van de vorige eeuw zijn alle koloniale tegoeden vervallen aan de staat Indonesië en kan men in Nederland geen aanspraak meer maken op deze erfenis die om miljoenen zou gaan. Broodje aap, of waarheid?

  • Periode: Elf generaties. De kwartierstaat begint 16e eeuw en eindigt in 1934 bij het overlijden van Cornelis Hoogendoorn.
  • Namen: Backer, Beket, Benschop, Besoijen, Blom, de Boode, Borst, Brouwer, Crieck, Dalmas, Delmerhorst, van der Graaf, de Hondt, Lam, van Loon, Maasland, Oosterom, Oscamp, Pellen, Rietveld, Sterrenburg, Straver, Vinck, de Vries, Vurens, Zoelen, van Zuijlen, Zijdervelt, van Zijl
  • Plaatsen: Almkerk, Ameide, Arkel, Arnemuiden, Benschop, Bunnik, Goudriaan, Haastrecht, Jaarsveld, Lakerveld, Leiden, Lexmond, Lopik, Lopikerkapel, Meerkerk, Meerkerkerbroek, Molenaarsgraaf, Neerandel, Noordeloos, Ottoland, Polsbroek, Schoonhoven, Vianen, Willige-Langerak

Familie Borst

Overgrootmoeder
Engelina Borst

Kwartierstaat van Engelina Borst

Op 23 juli 1633 overlijdt Adriaen Jansz Oom als gevolg van een dodelijke steek met verwondingen aan arm en hoofd, aldus een team van doktoren, de officier van Justitie en twee gemeenteraadsleden van Nieuwpoort. Voor die tijd een uitgebreid team. Wie is de dader?

  • Periode: Veertien generaties. De kwartierstaat begint 16e eeuw en eindigt in 1941 bij het overlijden van Engelina Borst.
  • Namen: Alblas, Boeff, Boer, de Boode, den Bouter, de Bruin, Coppelaar, Donk, Duijker, den Haan, Hasenpflug, de Heer, van Hof, Houtvester, de Jong, Lam, van Langerak, van Limbeek, Oom(s), Oosterum, van Osch, Phlieger, Plack, van der Pijl, Roeck, van Rooijen, Timmerman, Tisper, Verhoeff, Visser, Vueren, van der Werken, Zeelander
  • Plaatsen: Aardenburg, Achthoven, Ameide, Ammers, Breukelen, Bunnik, Culemborg, Graafland, Hees, Hoornaar, Jaarsveld, Lakerveld, Langerak, Lexmond, Lopik, Lopikerkapel, Meerkerk, Meerkerkerbroek, Polsbroek, Schoonhoven, Schoonrewoerd, Soest

Veel weten wij over families die hun bekendheid ontlenen en (of) inhoud hebben gegeven aan krijgsverrichtingen, aan de vorming van de staat, aan landschappelijke waarden of aan het culturele erfgoed van Nederland. Maar hoe zit nu eigenlijk je eigen familie in elkaar?

In de zeventiger jaren, vorige eeuw, ben ik begonnen met het verzamelen van gegevens over mijn voorouders. Als schoolverlater kreeg ik belangstelling naar mijn voorouders. Het provinciaal archief in Zwolle en het gemeentelijk archief in Kampen werden bezocht. Het onderzoek vorderde gestaag. Tijdens deze onderzoeksperiode kreeg ik een baan. Het blijkt een drukke baan te worden. Regelmatig kwam het onderzoek stil te liggen.

In 2001 brengt Jan van de Wetering zijn boek "Vergeten Levens" uit. Dit boek is een belangrijke impuls en werkt inspirerend om door te gaan met het onderzoek.

Elze van de Wetering

 

Dankwoord

Een woord van dank mag niet ontbreken aan de velen, die ik heb mogen ontmoeten in de diverse archieven, zij die mij wegwijs hebben gemaakt tijdens mijn zoektochten. Met zeer veel waardering denk ik terug aan hun opmerkingen, aanwijzingen in een periode, dat nog weinig van internet gehaald kon worden. De gesprekken heb ik als zeer plezierig ervaren. Ook latere bezoeken gebracht aan familieleden voor informatie en foto’s hebben aan beide zijden veel waardering gekregen.

Enkele familieleden in het bijzonder wil ik toch noemen; in de eerste plaats mijn ouders Henk en Willy van de Wetering-Mulder, en in willekeurige volgorde

  • An Heldoorn-Bosma
  • Anne Watson-van Eik
  • Annie Mulder-Gerards
  • Antonia Borkent
  • Arie Schinkel
  • Ben van Rooijen
  • Bert Heldoorn
  • Dirk Bakker
  • Dirk d’Engelbronner
  • Gerard van de Wetering
  • Gerard van Werkhoven
  • Harm van Bruggen
  • Hendrik Borkent
  • Henk Mulder
  • Henk Spijkerboer
  • Herman Hoogendoorn
  • Jan Holtland
  • Jan Willem van de Wetering
  • Jan-Willem Kragt
  • Jet Esselink
  • Kees Borst
  • Kees Lambregtse
  • Kees Schilder
  • Klaas van der Kamp
  • Klaas van der Stouwe
  • Lien Evers-Luijer
  • Nel Bergsteijn-Mulder
  • Nina de Groot
  • Rie Blaauw-Mulder
  • Ronald Prins
  • Sylvia van de Wetering
  • Tinie Mulder-Dokter
  • Trijntje van der Klocht-Kragt
  • Willem Jan Mulder
  • Willie van der Vegt-Visscher
  • Willy Philipsen-Evers
  • Wilma van Asselt
  • Een speciaal woord van dank is voor mijn broer, Bas van de Wetering. Regelmatig heeft hij mij geholpen bij het zoeken in archieven en op internet. Deze website is tot stand gekomen met zijn hulp en inzet.

    Medaillon

    De oudste foto van een voorouder van mij. Het is een vergroting van een medaillon.

     

    Ik houd mij aanbevolen voor kritiek, aanvullingen, verbeteringen en suggesties. Voor uw commentaar zeg ik u bij voorbaat dank.

    .

     

    Zutphens Zilver

    1789-1812

    In het Stedelijk Museum te Zutphen (inv. nr. V 356) is een theekistje van de hand van Willem Bessem te bezichtingen. Dit ovale theekistje heeft een gefileerde rand rondom het scharnierende deksel en onder aan de voet. Het deksel is verdiept in het midden.

    Willem Bessem is geboren te Zutphen in 1756 als zoon van Harmen Bessem en Aleida Catharina Teerink. Hij trouwde daar op 12 juli 1789 met Charlotte Gijsberdina Boeseken. Zijn tweede huwelijk vond plaats te Ruurlo op 1 september 1817 met Maria van Eerten. In 1789 – 1800 wordt hij vermeld als werkmeester in zilver en als kashouder te Zutphen, waar hij als zodanig vanaf 1787 werkzaam was. In 1807 wordt hij door de landdrost tot keurmeester benoemd. In 1810 wordt hij nogmaals vermeld als kashouder. Willem overlijdt te Zutphen in 1831.

    Medaillon Theekistje in het Stedelijk Museum te Zutphen.

     

    Een held !

    1858

    Op 5 maart is de vissersschuit van Jan en Jacob Moens op hun tocht van Urk naar Elburg vastgelopen in het ijs. 's Ochtends op 6 maart kwamen ze bij Schokland, doch door 'wind en sneeuwjagt dreven zij af tot onder den Ketel op het Zand'. Toegesnelde Schokkers eisen dat de vangst over boord wordt gezet (protectionisme t.o.v. de Urkers), maar bieden uiteindelijk geen hulp. De Schokkers verklaren zelfs tegen landbouwer Prins van het Kampereiland dat redding niet nodig is, want proviand is er voldoende en er is geen gevaar.

    Op 10 maart worden de beide vissers Moens en hun knechten alsnog gered door Aalt Jans Prins en zijn kecht Jan Sneeloper. (bron: Westera, J.M. 1995.)

     

    Een held ?

    1943

    In de Tweede Wereldoorlog ontspoort op 26 maart een trein ter hoogte van de brug over de Vecht tussen Zwolle en Dalfsen. De trein zit vol met Duitse soldaten en natuurlijk wordt gedacht aan een aanslag. Alle instanties starten een onderzoek, variërend van de toenmalige spoorwegpolitie tot de SD. Het is een komen en gaan van opsporingsambtenaren ten Huize van Derk van de Wetering. Derk zelf staat doodsangsten uit en ligt dagen ziek op bed. Derk is geen lieverdje, maar voor dit soort daden heeft hij het lef niet.

    Wat blijkt? Ten tijde van het ongeluk wordt aan de spoorbrug gewerkt en alle treinen worden over één spoor geleid. In de oorlog combineert Derk overdag en 's nachts meerdere baantjes. Deze nacht is hij wisselwachter. Door vermoeidheid valt hij in slaap en vergeet de wissel over te zetten. Met lage snelheid loopt een trein (slechts) uit het spoor en er vallen geen gewonden. Ongelukkigerwijs zit de trein vol met Duitse verlofgangers en daarom wordt de zaak hoog opgenomen. Derk wordt slechts licht bestraft voor plichtsverzuim.

     

    Oorlogslachtoffer in vredestijd

    1945

    Kort na de capitulatie van Duitsland op woensdag 9 mei maakt een zware explosie op de Eems een eind aan het leven van Hendrik Boer, zoon van Jantjen van der Stouwe.

    Eind 1943 of begin 1944 is hij vanuit Kamp Amersfoort aangewezen voor transport naar Saarbrucken. Dit transport heeft nooit plaats gevonden. Een paar maanden later wordt hij aangewezen voor transport naar Wilhelmshaven en wordt tewerkgesteld bij Organisation Todt (O.T.) op het waddeneiland Wangerooge. De omstandigheden zijn hard. De arbeid bestaat uit het bouwen van bunkers en een kustbatterij ter voorkoming van de dagelijkse geallieerde luchtaanvallen op het vaste land.

    In april 1945 wordt nog een bommenlast boven het eiland gelost. Onder de onbeschermde dwangarbeiders vallen veel slachtoffers. Spoedig daarop volgt de bevrijding van Noord-Duitsland. Op de Duitse eilanden blijft de situatie echter als vanouds. De Canadezen hebben geen haast het gezag over deze geïsoleerde eilanden over te nemen. Op het gehavende Wangerooge (6.000 bomkraters) zoeken de Nederlandse dwangarbeiders een manier om naar Nederland te komen. In het haventje van het eiland lag een aantal schepen waarmee een groot contingent dwangarbeiders naar Nederland vertrekt.

    Een van deze schepen is de 'Joanna'. In het zicht van Delfzijl loopt het schip op een zeemijn, met rampzalige gevolgen. Circa veertig personen vinden de dood, waaronder dus Hendrik Boer. Slechts zes personen overleven de ramp. (bronnen: (1) Beukema, H. 1998. (2) Nieuwsblad van het Noorden, 6 april 1986.)

    Monument ter ere van de slachtoffers van de Joanna op 9 mei 1945

    En ook op Wangerooge

    Op 25 april 1945 stijgen om 14:30 uur vanuit Zuidoost-Engeland 482 bommenwerpers op voor een (de) laatste grote luchtaanval op Duitsland. De vliegtuigen hebben 2.176 ton aan bommen aan boord. Om 17:00 uur vallen de eerste bommen op Wangerooge. Onder de 273 slachtoffers zijn 121 dwangarbeiders. Van deze laatste hebben er 48 de Nederlandse nationaliteit (bron: Luchtaanval op Wangerooge).

    Deze dag overlijdt ook Hendrik Beugelaar op Wangerooge. Hij is een zoon van Aart Beugelaar en Stijntje Mulder. Vermoedelijk is hij via Kamp Amersfoort op Wangerooge terecht gekomen.

    Wangeroog Het huidige vliegveld Wangeroog (Dld) met hangers [1] en rechts hiervan de vliegtuigen, [3] de officierswoning en [2] de locatie van de voormalige barakken waar Hendrik Beugelaar en de overige nederlandse dwangarbeiders waren gehuisvest.

    Verzetsheld in Bussum

    Upate over Wangerooge

    Twee mannen uit verschillende takken in één kwartierstaat komen in het zelfde werkkamp terecht. Kenden beide mannen elkaar? Dat moet haast wel. Ze worden beiden genoemd op de transportlijst van 15 juni 1944. Een transport van Kamp Amersfoort naar Wilhelmshaven met als eind- bestemming Wangerooge. Het is een strafkamp voor dwangarbeiders die beschuldigd waren van sabotage, werkweigering of onderduiken. Maar waarom zijn ze gepakt?

    Hendrik Boer zit ondergedoken in de Mastenbroekerpolder. In december 1943 is hij met de fiets onderweg naar een nieuw schuiladres in Dalfsen. Bij een controle aan de provinciale weg bij Bergklooster (Zwolle) wordt hij gearresteerd en overgebracht naar Kamp Amersfoort. Een eerste transport naar Saarbrucken op 3 februari 1944 gaat niet door.

    Hendrik Beugelaar woont in Bussum en verleent hulp bij het (door) leveren van distributiezegels, valse persoonsbewijzen aan onderduikers. In Bussum zijn ongeveer tien grote en kleine verzetsgroepen actief, maar Hendrik maakt hiervan geen deel uit. Op min of meer individuele wijze pleegt hij verzet en blijft waarschijnlijk daardoor lange tijd uit beeld. Door verraad wordt hij op 4 mei 1944 opgepakt en overgebracht naar het Gestapo hoofdkwartier aan de Euterpestraat te Amsterdam. Een locatie die bekend staat om zware verhoren en martelpraktijken. Tot 30 mei 1944 heeft Hendrik hier gezeten en zijn vrouw meldt in een document dat hij in die periode zwaar ziek is geweest. Na de verhoren in Amsterdam komt hij terecht in Kamp Amersfoort.

    Hoe het met Hendrik Boer en Hendrik Beugelaar is afgelopen, heeft u hierboven kunnen lezen.

    Na de oorlog ijvert de vrouw van Hendrik Beugelaar voor erkenning van de daden van haar man. In 1983 is hij postuum geëerd met het verzetsherdenkingskruis.

    Wangeroog De transportlijst van Kamp Amersfoort van 15 juni 1944 met de namen van Hendrik Boer en Hendrik Beugelaar

     

    Eind goed, al goed. Of toch niet?

    1852, 1867

    Gemeente Oldemarkt, 1867. Frederikus Hulst geeft luidruchtig uiting aan zijn blijdschap of woede. Mogelijk is Frederikus zo uitgelaten door te veel drank. De plaatselijke veldwachter maant hem in te binden en zich 'van de publieke straat' te begeven. Maar Frederikus voelt zich onheus bejegend en geeft geen gehoor aan het verzoek. Hierna loopt de situatie uit de hand en de veldwachter is genoodzaakt zijn sabel te gebruiken.

    Opvallend is dat het ook in 1867 al mogelijk is om voor een commissie te protesteren tegen oneigenlijk gebruik van geweld door politie. Frederikus Hulst wordt door de Rechtbank te Zwolle in het gelijk gesteld. Veld- wachter Everhard Elias Burgemeister wordt veroordeeld tot een gevangenisstraf van 14 dagen.

    Een klinkende overwinning voor Frederikus. Zou je zeggen. Maar Everhad Elias laat het hier niet bij en gaat in beroep bij het Provinciaal Hof van Overijssel. Met succes, want op op 7 mei wordt zijn gevangenisstraf omgezet tot tien gulden geldboete. Gelijkertijd wordt Frederikus Hulst veroordeeld voor gewelddadig verzet tegen een 'ambtenaar der openbare magt'. Zijn straf: eene maand in eenzame opsluiting. Voorwaar geen kattepis voor een beetje duwen en sjorren met mijnheer agent. Het moet dus meer dan dat geweest zijn.
    bron: Provinciale Overijsselsche en Zwolsche Courant 8 mei 1867.

    Dat het overigens niet altijd goed afloopt bewijst het volgende krantenbericht. De rijksambtenaar Casimir Fredrik van Guldener is een zoon van Anna Elizabeth Burgemeister en zo een neef van Everhard Elias Burgemeister. Het voorval speelt bijna 15 jaar eerder en Everhard Elias moet hiervan geweten hebben. Hij zal zich er van bewust geweest zijn dat zijn gedrag repercussies kan hebben. Overigens is een belastingeambtenaar uit hoofde van zijn functie rechtlijniger in de leer dan een veldwachter.

    .

     

    Atlas van Huguenin

    1820-1830

    Onder leiding van eerste luitenant Willem Ulrich Huguenin militair-topografische worden kaarten gemaakt voor Noord-Nederland. De kaarten zijn gebaseerd op eigen metingen en op materiaal verzameld door het kadaster, de Fransen en Hottinger. Bij het maken van de kaarten is aandacht besteed aan de twee onderdelen:

    • • Strategische objecten. Militair strategische objecten die actief verdedigd moeten worden of passief bijdragen aan de verdediging.
    • • Navigatie. Uit de verte herkenbare objecten ten behoeve van orientatie. Te denken valt aan kerktorens.

    De sluis van Kars Roelofs van der Stouwe, gelegen bij Kamper Nieuwstad, komt terug op de kaart van Huguenin (Versfelt, H.J. en M. Schroor, 2005.). In Nederland was het ten tijde van oorlog gebruikelijk om land onder water te zetten. Een passieve verdediging die de vijand er toe noopt een omweg te maken of een andere aanvalsstrategie te kiezen. Vanwege deze verdedigingsstrategie is waarschijnlijk de sluis op de kaart opgenomen. Op latere topografische kaarten komt de sluis niet of niet zo opvallend terug.

    Op de Topografisch Militaire Kaart van 1851 is de sluis bekend onder de naam "Noorder Merk-sluis". Inmiddels is de sluis afgebroken en vervangen door een modern complex.

    Atlas van Huguenin Atlas van Huguenin. Fragment van het kaartblad Kamperveen waarop de Kars Roelofssluis is te zien. (bron: Versfelt, H.J. en M. Schroor, 2005.)

     

    Papiermakers

    Oud ontmoet nieuw

    Rond 1700 bestaat een bloeiende papierindustrie langs de Veluwezoom. De regio leent zich hier voor goed door de aanwezigheid van hout, schoon en stromend water.

    Jan Willems van Dieren en Berend Jurriaans van der Beek zijn beiden papiermaker bij Heerde. Hun kinderen trouwen met elkaar en nadien zullen nog twee generaties papiermaker zijn. Zij bezitten meerdere watermolens en hebben rechten op de achterliggende beken.

    Ook op watermolens bij Vaassen, Wenum Wiessel, Apeldoorn, Loenen, Velp, Rozendaal en Ermelo zijn familieleden van mij werkzaam als papiermaker of als knecht. Via moederskant: Maria Hendriks Koller, Aaldert van der Beek, Aart Florens, Teunis Hendriks van Velthuijsen, Lammert Jurriens Ritbroek, Jan Willems Cortenbrink, Hendricus Hendriks van Velthuijsen, Hendrik Thonis van Velthuijsen. Via vaderskant: Arend van der Beek, Aart Derks Labots, Gerrit Aert Martens Schut, Jan Driessen van Emst, Jurriaen van der Beek, Sebush Berends van der Beek, Grietje Jacobs Vorstelman, Jurriaan Bloemkolk, Berent Jurriaens van der Beek, Jan Willems van Dieren

    Jaarlijks bladafval van bomen hindert de doorstroming van beken en dus de aandrijving van de watermolens. Mijn voorouders moeten geregeld de beken hebben geschoond. Tegenwoordig is de functie voor watermolens vervallen en worden beken niet meer geschoond. De Beekprik, een zeldzame vis, wordt daardoor bedreigd. Op onderstaande foto is mijn broer voor de Stichting tot Behoud van de Veluwse Sprengen en Beken bezig het bladafval te verwijderen. Hij doet het werk met de hand, net als mijn voorouders deden. Alleen het doel is anders. Toeval wil dat hij op de foto werkt in een beek waar vroeger ook familieleden van afhankelijk waren.

    Vaassen, Nieuwe Beek 1985. Mijn broer verwijdert met de riek het ingewaaide blad uit de Nieuwe Beek achter Vaassen.

     

    Atlas van de familiegeschiedenis

    In de archiefstukken kom je geregeld straat- en veldnamen tegen. Bij nader onderzoek blijkt dat we gebeurtenissen, eigendommen en boerderijen nauwkeurig op kaart kunnen aangeven. In deze Atlas van de familiegeschiedenis hebben we hiermee een aanvang gemaakt.

    >> Lees meer

    ArcGis Online

     

    Wetering

    Herkomst en betekenis

    De betekenis van wetering is watergang, een brede veelal gegraven waterloop. Synoniemen zijn grift, sloot, tocht, kanaal, vaart. Deze begrippen worden regionaal gebruikt om waterlopen van bepaalde afmeting, functie en oorsprong aan te duiden. Het Meertens Instituut beschouwt de familienaam Van de Wetering als adresnaam. Dat wil zeggen dat de familienaam is afgeleid van een aardrijkskundige naam.

    Op basis van de topografische kaart en de stratenatlas is geturft waar de naam Wetering wordt gebruikt. De volgende categorieën zijn onderscheiden: dorpen, wegen, polders en watergangen. Hieruit is af te leiden dat de naam wetering in aardrijkskundige zin gebruikt wordt in de provincies Overijssel, Gelderland, Utrecht en Zuid-Holland.

    Verondersteld mag worden dat de familienaam Wetering de aardrijkskundige naam volgt en in dezelfde provincies dus ook hogere aantallen laten zien. Dat is niet waar! In het hoofdstuk Kernnamen is te zien dat de familienaam Van de Wetering in de IJsseldelta van Overijssel de aardrijkskundige naam volgt. De afwezigheid van de familienaam in Zuid-Holland en Utrecht is opvallend, terwijl juist hier een groot aantal weteringen in aardrijkskundige zin te vinden zijn. Daar staat tegenover dat het veelvuldig voorkomen van de familienaam in Noord-Brabant nauwelijks is te verklaren met het voorkomen van het geringe aantal weteringen in aardrijkskundige zin.

    >> Lees meer

     

    Paleis het Loo

    1687, 1777

    Derck Peters Collert en broers en zusters geven op 25 november 1687 toestemming voor de verkoop van twee schepel grond aan Willem Hendrick, prins van Oranje. De daadwerkelijke grondoverdracht vindt plaats op 30 oktober 1685. De grond is gelegen bezijden het nieuwe huis ’t Loo. De eigendommen van de familie Colert liggen duidelijk in de directe omgeving van Het Loo. Zijn kleinkinderen, verkopen opnieuw 7 schepel in het Enkland op 12 oktober 1777 aan de Prins van Oranje en Nassau, erfstadhouder, kapitein en admiraal der Verenigde Nederlanden. De locatie van deze grondtransactie zou zijn gelegen nabij het koetshuis van het huidige Loo.

    Het Loo

     

    Wenskaarten

    1912 - 1977

    Januari 2012 ontvang ik van mijn oom een tas met oude ansichten. Bij de overhandiging nog de woorden "Of ik interesse heb, gezien mijn hobby genealogie. Zo niet, dan gaat het bij het oud papier." De eerste afbeeldingen leveren vreugdekreten, want het zijn kaarten van 50 tot 100 jaar oud. Totaal maar liefst 293 ansicht- en wenskaarten uit de periode 1912 - 1977 gericht aan de drie generaties families:

    De kaarten zijn afkomstig van familie, vrienden en bekenden en door Hendrikje bewaard als herinnering. Opvallend aan de kaarten is de symboliek van de afbeeldingen en het taalgebruik op zowel voor- als achterkant van de kaart. Bij het uitzoeken van de kaarten stuit je op de hobby marcofilie, het verzamelen van poststempels. Hier blijkt een wereld achter schuil te gaan, die een genealoog extra informatie oplevert.

    De verzameling kaarten telt veel nieuwjaarswensen. Bijzonder is dat destijds kaarten bezorgd werden op 1 januari, algemeen geldend als een zondag. De afzender moest een Andreaskruis over de brief of kaart trekken als hij de bestelling op nieuwjaarsdag moest plaats vinden. Deze mogelijkheid bestond van het begin 20e eeuw tot in de dertiger jaren.

    >> Lees meer

    Ansichtkaart met andreaskruis. Bezorging vindt plaats op 1 januari. Ansichtkaart met andreaskruis. Bezorging vindt plaats op 1 januari.

     

    Watersnoodramp

    1825

    In de nacht van 4 op 5 februari breken op veel plaatsen in Nederland de dijken tijdens een noordwesterstorm. Meester Ter Pelkwijk doet hierover uitgebreid verslag bij de Gouverneur van Overijssel. Gedetailleerd doet hij verslag over het menselijk drama gecombineerd met feiten ten aanzien van schade. Alle mensen in onze kwartierstaat die toen in 1825 leefden in Noordwest Overijssel gaat deze storm aan. Een enkeling wordt zelfs in het verslag van Ter Pelkwijk genoemd. Uitgebreid komen ook de waterstanden aan bod. Zo staat het water bij het Venerijterzijl te Genemuiden 3,35 el boven AP. In herberg De Kroon te 's Heerenbroek is het water tot 1,49 el gerezen.

    Op basis van huidig kaartmateriaal zijn de waterstanden ten opzichte van het maaiveld berekend. Onderstaande illustratie geeft voor de omgeving van Wilsum en Zalk de overstroming in blauwe kleuren weer. Alleen de gele gebieden zijn volgens de berekeningen dan niet overstroomd.

    Watersnoodramp 1825 Overijssel

    Nog meer helden. De zelfde watersnoodramp.

    Onderstaande tekst is een samenvatting van een fragment uit Ter Pelkwijk 1825 (heruitgave 2002, blz 182).

    ... Gerrit van Keulen, herbergier in de Koelucht, hoort 's nachts van 4 op 5 februarij van verre het noodgeschrei van mensen. Daarop begeeft hij zich om 02:00 uur naar buurman Jan Jacobs van der Woude, waar ook Gijsbert Gerrits Hup al is. Hij stelt hun voor om met een schouw de drenkeling te redden. De drie mensenvrienden begeven zich in het vaartuig richting het hulpgeroep. Twee uur lang vechten zij tegen de woedende golven en moeten zich dikwijls aan bomen vastklampen. Uiteindelijk komen zij aan bij Reint van Houten, die krom gebogen in de top van een wilg zit.

    Op de woningen van Gerrit Flips Ruitenberg en Jan Zonnenberg bespeuren ze noodvlaggen en horen meer jammerlijke noodgeschrei. Hierop laten ze zich eerst naar de woning van Ruitenberg afdrijven. Het huis is door de golven bijna geheel uiteengeslagen en instorting dreigt. De vijf bewoners zijn gevlucht naar de wrakkige zolder. Met gevaar voor eigen leven worden alle vijf gered. Om 05:00 uur bereiken ze de dijk en brengen de geredden onder bij herbergier Van Dijk.

    Vervolgens besluiten de drie het gezin van Jan Zonnenberg te redden. Ook dit gezin bestaat uit vijf leden. Zij treffen het huis in een reddeloze toestand aan; de zijmuren liggen al plat. Deze mensen werden onder-gebracht in de hooiberg van Van der Woude zelf. Alzo worden door de heren liefst elf mensen van een gewisse verdrinkingsdood gered.

    Reint van Houten had door de kou het gevoel in de benen verloren. Dicht bij het vuur zittende, zonder het te bemerken, verbrande hij zich deerlijk. ...

    Voor hun onbaatzuchtig heldenmoed ontvangen alle drie in augustus een medaille van de Maatschappij 'Tot Nut van 't Algemeen'. Bij verstek ontvangen zij hem pas in november 1825. Lang heeft Gerrit van zijn nieuwe status als held niet kunnen genieten. In augustus 1826 overlijdt Gerrit. Zijn vrouw Machteldje Horst hertrouwt in 1827 met Richard Everhard Burgemeister.

    Het mag geen verwondering heten dat de zoon van Jan van der Woude huwt met de dochter van Gerrit van Keulen x Machteldje Horst.

    .

     

    Zeevaarder

    1862

    Martinus Burgemeister wordt in 1840 te Kamperveen geboren als laatste kind uit een gezin van dertien. In 1862 behaalt hij aan de Zeevaartschool zijn studie Wis- en Zeevaartkunde en nieuwe talen met goede cijfers. Dit is gelijkertijd ook het laatste wat wij over hem weten.

    Verwacht mag worden dat hij is aangemonsterd op een schip in Groningen, Veendam of Delfzijl eo. Deze schepen voeren vaak op de Oostzee. Mogelijk is hij na het behalen van zijn diploma naar huis terug gekeerd. Dan zou hij in Kampen op een schip kunnen aanmonsteren.

    diploma Het diploma uit 1862 van Martinus Burgemeister.

     

    De noodlottige viskaar

    1825

    Waarschijnlijk is op maandag 6 juni kermis in de stad Kampen. Althans, dat denk ik ooit gehoord te hebben. Feit is dat een groep boerenknechten en meiden, na een avondje stappen in Kampen terug wil naar Kampereiland. Dat kan met het voetveer van Brunnepe naar Sevelingen over de IJssel of met het pontveer vanaf IJsselmuiden naar Sevelingen over het Regterdiep. De bronnen zijn hierover onduidelijk, maar waarschijnlijk gaat het hier om het voetveer. Als de groep aan de kade komt is de veerman juist aan de overkant. Een twintigtal wil niet wachten en 'vorderen' een nabij gelegen vissersschuit (voorzien van een viskaar). Met zoveel man aan boord is de schuit te zwaar beladen en om ongeveer elf uur 's avonds, halverwege de IJssel, springt de viskaar open. Het water gutst de boot in. De te hulp geschoten veerman weet drie man te redden. Direct daarna worden de lichamen van de overige drenkelingen opgevist. Onder de slachtoffers zijn:

    • Aalt Dries van Dijk. Zijn stoffelijk overschot is gebracht naar Hendrik Elst te Brunnepe. Waarschijnlijk was hij op weg naar zijn moeder op erf 32 van het Kampereiland.
    • • Aaltien Aalts van Dijk, jongste dochter van Aalt Hendriks van Dijk. Haar lijk wordt gebracht bij haar gelijknamige stiefzus, Aaltjen Aalts van Dijk gehuwd met Albert Jacobs Westera te Brunnepe. In 1825 woont Aaltien in bij haar broer Willem Aalts van Dijk op erf 25.
    • • Roelof Heimerig Kragt, zoon van Hendrik Heimerichs Kragt woonachtig op erf 48. Zijn lichaam is gebracht naar het Kampereiland.

    .

     

    De Roskam

    1733

    Vanaf paaschen 1733 gaat Egbert Jans Terink, knecht aan de Roskam, te kerke in Warnsveld (bron: lidmatenboek). De Roskam is een gebruikelijke naam voor een herberg waar ook de paarden verzorgd kunnen worden. In de wijde omgeving zijn er meerdere herbergen met deze naam, bijvoorbeeld in Gorssel en in Voorst. Lang duurde de speurtocht niet, want direct naast de kerk lag de gelijknamige herberg.

    Verrassend is dat uit vrijwel dezelfde periode een pentekening stamt van Jan de Beijer (1703-1780). Het gebouw rechts op de tekening zou De Roskam zijn.

    Jan de Bijer, Warsnveld 1734 't dorp Warnsveld, 11 september 1734. Tekening Jan de Beijer.

     

    Moord en Brand !

    In archiefstukken en boeken kom je opmerkelijke dingen tegen over je familieleden. Dat varieert van geboorte, ruzies, straffen, bezit tot het overlijden. Wat betreft dit laatste springen de onderstaande drie er uit.

    • • Op 23 juli 1633 overlijdt Adriaen Jansz Oom als gevolg van een dodelijke steek met verwondingen aan arm en hoofd, alsdus een team van doktoren, de officier van Justitie en twee gemeenteraadsleden van Nieuwpoort.
    • • Op 5 oktober 1727 wordt Lambert Goossens begraven. Hij had 'met sien eigen roer hem zelven doot geschoten'. Een roer is een lang geweer dat niet makkelijk onder de kin wordt gezet. Zelfmoord is daarom niet voor de hand liggend. Waarschijnlijker is een ongeluk bij het schoonmaken van het geweer.
    • • In 1768 komt op 70 jarige leeftijd Harmina Swijnenbergh om bij een boerderijbrand. Twee van haar kleinkinderen zijn ook slachtoffer. Veldwachter Barink constateert dat er niets dan beenderen rest.

    Graven

    De dood wordt in verschillende culturen op een verschillende wijze benaderd. Vroeger bestonden er vele rituelen en symbolen rond de dood. Deze symbolen drukken gevoelens uit en zeggen iets over de overledene. Op begraafplaatsen vind je de symboliek terug op de grafmonumenten en in de plantkeuze. Enkele voorbeelden van symbolen aangetroffen op de door mij gefotografeerde grafstenen

    • • Afgesneden tak. Dit symboliseert de sterfelijkheid.
    • • Olijftak. Staat symbool voor vrede, maar ook vroomheid, wijsheid, gerechtigdheid, vergiffenis, verzoening en overvloed
    • • Palmtak. Symboliseert de overwinning (op de dood).
    • • Treurwilg. De hangende takken en bladeren symboliseren rouw, verdriet en overgave.

    >> Lees meer

    zerk

     

    Nederduits Gereformeerd

    Een hele korte kerkgeschiedenis

    In de archieven komen we regelmatig de afkorting NG voor religie tegen. Analoog aan NH was het vermoeden dat dit staat voor 'Nederlands Gereformeerd'. Het blijkt dat echter dat de afkorting voor 1816 gebruikt wordt voor Nederduits Gereformeerd. Nieuwsgierig naar de betekenis hiervan volgt hieronder een (hele) korte kerkgeschiedenis.

    Taalkundig betekenen de woorden 'hervormd' en 'gereformeerd' precies hetzelfde. In beide gevallen gaat het om kerken die uit de Reformatie of Hervorming zijn voortgekomen. Het onderscheid, in de Nederlandse taal, tussen 'hervormd' en 'gereformeerd' is pas ontstaan na de Afscheiding van 1834. Voordien sprak men tussen 1571 en 1816 uitsluitend over (nederduits) 'gereformeerden' en sinds 1816 over 'hervormden'. Afsplitsingen van de hervormden kunnen zich weer gereformeerd noemen.

    De Katholieke Kerk begon zich eind 15e eeuw als heerser te gedragen met een sterk gecentraliseerde macht en verworven rijkdommen. In de 16e eeuw ontstaan denkbeelden over terugkeer van de kerk naar haar Bijbelse oorsprong. De kerk moest gezuiverd worden van on-Bijbelse invloeden, bijvoorbeeld de handel in aflaten waarbij een katholiek een plaats in de hemel 'koopt'. Begin 16e eeuw verzetten Luther en later ook Calvijn zich tegen de Katholieke Kerk. Luther en Calvijn verschillen in hun denkwijze onder andere over

    • • Scheiding van Kerk en Staat. Luther was hiervan een voorstander, Calvijn een uitgesproken tegenstander.
    • • Predestinatieleer. Calvijn was aanhanger van de predestinatieleer, die stelt dat God voor de geboorte van iemand al heeft bepaald of deze in de hemel komt of niet. Volgens Luther had de mens zelf invloed op zijn redding. De mens zou behouden blijven door het geloof in God, het lezen van de Bijbel en het verrichten van goede werken.

    In 1571 wordt de Nederduits Gereformeerde Kerk gesticht. Het was gebaseerd op de ideeën van Calvijn maar huldigde ook opvattingen van Luther en de humanist Erasmus. De stroming had grote invloed in Frankrijk, Schotland, delen van Zwitserland en de Nederlanden. In 1579 werd het de publieke kerk van de Republiek der Zeven Verenigde Nederlanden.

    Vanwege vervolging van protestanten in het zuiden ontstaat een vluchtelingenstroom naar het Noorden, de Republiek der Nederlanden, waar een tolerant klimaat heerst en er zoiets bestaat als godsdienstvrijheid. In de eeuwen hierna ontstaan twee hoofdstromingen, een roomheidsbeweging en de meer rekkelijken. Hierdoor ontstaan binnen de Nederduits Gereformeerde Kerk plaatselijk grote verschillen in opvatting en levenshouding.

    Na Napoleon schept koning Willem I in 1816 orde en brengt de verschillende kerkordes onder in een nieuwe Nederlands Hervormde Kerk. Deze is centralistischer dan haar voorganger. Ondanks de grondwettelijke scheiding tussen kerk en staat en de vrijheid van godsdienst, bemoeit koning Willem I zich veel met de Nederlands Hervormde Kerk. De nieuwe kerkorde schept dan ook plaatselijk veel onrust. Onder leiding van dominee Hendrik de Cock vindt een eerste scheuring plaats "de Afscheiding van 1834". Later ontstaat een wirwar van afscheidingen. Voor een deel van deze stromingen wordt opnieuw de term gereformeerd gebruikt.

     

    Kernnamen

    De familienaam "van de Wetering" geeft op de website www.familienaam.nl helaas geen resultaat. Toch nieuwsgierig naar de verspreiding van deze en andere namen en de mogelijke herkomst daarvan hebben we een vergelijkbaar onderzoek gestart.

    >> Lees meer

    Kernnamen

    Deze pagina geeft enerzijds een samenvatting en anderzijds een compleet beeld van de door mij geraadpleegde bronnen. De link naar ’zachte’ bronnen wordt geregeld gecontroleerd, aangepast of verwijderd. Helaas blijkt dit laatste geregeld nodig omdat het internetadres niet meer bestaat of voor andere doeleinden wordt gebruikt.

    Alle kwartierstaten zijn voorzien van een eigen bronnenindex. Oude internetadressen worden daar niet verwijderd omdat het tenslotte voor mij een bron is (was).

     

    Archieven

     

    Databanken op internet

     

    Parantelen en kwartierstaten op internet

    Literatuur

    • Asselt, J. van, E. de Jonge, L. Overduyn. 1990. De Veluwse familie's van Asselt. Uitgave: E. de Jonge. Beekbergen.
    • Beek, P. van, W. Bonestroo, B. Doornewaard, J. Kolkman en B. Rugers. 1997. Genealogische Bundel. Deel 1 en 2. Streekarchivaat Elburg - Nunspeet - Oldebroek.
    • Berghuijs, N. 1982. Fragment Genealogie Francksen. In: Veluwse Geslachten 1982(7)3 p:191-200.
    • Beukema, H. 1998. Scheepsramp Joanna. Dwangarbeid op Wangerooge, tragedie op de Eems, 38 oorlogsslachtoffers in vredestijd Delfzijl. Uitgeverij Tekst & Advies, Delfzijl.
    • Blaauw, H. 1982. De voorouders van het Oldebroeker geslacht Spijkerboer. In: Veluwse Geslachten 1982(7)3 p:180.
    • Blaauw, H. 1990. Fragment Genealogie Francksen. In: Veluwse Geslachten 1990(15)3 p:178-179.
    • Boogman J.C. en E. Oosterhaven (red), z.j. Geschiedenis van Doetinchem. Herdruk van uitgave 1986. Oudheidkundige Kring Deutekom.
    • Born, P. van den. 2003. Kwartierstaat Peter van den Born. Aanvullingen. In: Veluwse Geslachten 2003(28)4 p:40-60.
    • Bosch, Mr. H.G. ea 1976. Heerde, Historisch gezien. Heerder historische vereniging.
    • Bruijn - ter Denge, E. de en C. de Bruijn. 2005. Oost west, thuis minder best. Het turbulente leven van Govert de Bruijn. In: Nieuwsblad van de Historische Vereniging Ameide en Tienhoven 2005(16)3 p:38-50.
    • Dubbe, B. 1999. Glans langs de IJssel. Zilver uit Zutphen, Deventer, Zwolle en Kampen. Waanders.
    • Ebeling, R.A.. 1993. Voor- en familienamen in Nederland. Geschiedenis, verspreiding, vorm en gebruik. Regio-PRojekt Groningen, Groningen.
    • Enk, B.J. van den. 1981. Van Asselt (Apeldoorn). In: Veluwse Geslachten 1981(6)3 p:148-152.
    • Enk, B.J. van den. 1998. Genealogie Koller. In: Veluwse Geslachten 1998(23)1 p:30-36.
    • Glasbergen, J.B. 2004. Beroepsnamenboek. Beroepsaanduidingen voor 1900 in Nederland en Belgie. Uitgeverij Veen, Amsterdam.
    • Goorman, G. 1985. Bathmen 1811: Een prosoppografie. Scriptie in het kader van de studie Geschiedenis. Nieuwegein.
    • Grooten, J. 1998. Pachters van de stadserven op het Kampereiland. In eigen beheer uitgegeven.
    • Hall, J. 2006. Hall’s Iconografisch handboek. Onderwerpen, symbolen en motieven in de beeldende kunst. Primavera Pers, Leiden.
    • Hagens, H. 1998. Op kracht van stromend water. Negen eeuwen watermolens op de Veluwe. Uitgeverij Smit, Hengelo.
    • Harmoen, C. 2004. Boedelbeschrijving te Oene 1782. In: Veluwse Geslachten 2004(29)3 p:23-29.
    • Harms, W. 2008. Overijsselse streekdrachten. Weerspiegeling van voorbije mode. IJsselacademie, Kampen.
    • Heijnis-Renssen. 1986. Van Goltkuyl tot Goldkuil. In: Veluwse Geslachten 1986(11)4 p:195-204.
    • Hendriks, G. 1953. Een stad en haar boeren. Een sociografische studie. J.H. Kok N.V., Kampen.
    • Hove, J. ten. 1999. Overijsselaars gezocht. Gids voor stamboomonderzoek in Overijssel en Flevoland. Centraal Bureau voor Genealogie Rijksarchief in Overijssel.
    • Hoven, F. van den, H. van Embden en N. Jongerius. 2002. Op ontdekkingstocht door Krimpenerwaard en Lopikerwaard. Uitgeverij Filatop.
    • Jonge, E. de. 1976. Het geslacht Buitenhuis. In: Veluwese Geslachten 1976(1)4 p:130-136.
    • Jonge, E. de. 1992. Toevalstreffer Van Asselt. In: Veluwse Geslachten 1992(17)5 p:217.
    • Jonge, E. de, B.J. van den Enk en J.W. Scherrenburg (red). 1993. De herengoederen op de Veluwe. Deel 1, 2, 3, 4 en 5. Vereniging Veluwse Geslachten.
    • Klooster, J. 2000. Twee geslachten Klooster. In eigen beheer uitgegeven, Kampen.
    • Meertens, P.J. 1968. Nederlands Repertorium van familienamen, deel VI, Overijssel, met Urk en de Noordoostpolder. Koninklijke Nederlandse Academie van Wetenschappen. Van Gorcum & Comp. N.V., Assen.
    • Mikkers, C. 2002. Kwartierstaat Mikkers. In: Veluwse Geslachten 2002(27)2 p:28-40.
    • Mulder, T. 2005. Achter leilinden en kastanjebomen. De geschiedenis van boerderijen, landhuizen en hun bewoners in de voormalige gemeente Diepenveen. In eigen beheer uitgegeven.
    • Netjes, J. 1988. Het geslacht Netjes. In eigen beheer uitgegeven.
    • Otten, D. 2003. Veldnamen en oude boerderijnamen in de gemeente Apeldoorn. Uitgeverij Verloren BV, Hilversum.
    • Paasman, J.A. (zjr.) Aan de monding van de IJssel. Een historische schets van de gemeenten Grafhorst, Kamperveen, Wilsum, IJsselmuiden, Zalk en Veecaten. Ten Brink, Meppel.
    • Pater Jan Koekoek, C.S. 2002. De Heerlijkheid Baak. Geschiedenis van een Achterhoeks dorp. Stichting Baak 800 i.s.m. Staring Instituut.
    • Pelkwijk, J. ter. 2002. Overijssels Watersnood. Een heruitgave van het verslag van de ramp van 1825. Stichting IJsselakademie, Kampen.
    • Pelleboer, 1977. Familieboek Geslacht Pelleboer 1727-1977. In eigen beheer uitgegeven. IJsselmuiden.
    • Pereboom, F., J. Kummer & H. Stalknecht. 2000. Omarmd door IJssel en Zwartewater. Zeven eeuwen Mastenbroek. Stichting IJsselakademie, Kampen.
    • Plakmeijer, H. 2000. Het Wiesels geslacht Koller. In eigen beheer uitgegeven, Harderwijk.
    • Plakmeijer, H. 2005. Kwartierstaat Hendrik Plakmeijer. In: Veluwse Geslachten 2005(30)3 p:19-43.
    • Prins, J. 1997. De oorsprong van 2 geslachten Van ’t Oever. In eigen beheer uitgegeven via Archiefwerkgroep Van ’t Oever.
    • Prudon, M. en W.J.M. van Gent. 1992. Boeren, Burgers en Buitenlui verzameld in 50 kwartierstaten uit het gebied van de afdeling West-Overijssel. Nederlandse Genealogische Vereniging afdeling West-Overijssel. Deventer.
    • Putman, J.H.M. 1981. Eemlandse klappers deel 9, dopen Eemnes tot 1811. Genealogische Documentatieservice, Bussum.
    • Schilder, K. 1992. De Gelders / Overijsselse familie Schilder. Kampen, in eigen beheer uitgegeven.
    • Selles, J. 2007. Levensverhaal van een Kamper pachter. In eigen beheer uitgegeven.
    • Trouw, R. & M. Trouw-van Dijk. 2009. Aen de Leydijck getogen. Genealogie van een Kamper familie Van Dijk. In eigen beheer uitgegeven.
    • Veldhuis, A. 1987. Kwartierstaat Riphagen-Stokking. In: Veluwse Geslachten 1987(12)4 p:227-236.
    • Versteeg, A.K. 1985. Groot. IJsselmuiden in oude ansichten. Deel 1. Europese Bibliotheek, Zaltbommel.
    • Versteeg, A.K. 1986. Groot. IJsselmuiden in oude ansichten. Deel 2. Europese Bibliotheek, Zaltbommel.
    • Versteeg, A.K. 1987. Kent u ze nog ... de Groot IJsselmuidenaren. Europese Bibliotheek, Zaltbommel.
    • Verstraete, G. 1995. Mijn Oldebroekse voorouders. In: Veluwse Geslachten 1995(20)1 p:45-58.
    • Versfelt, H.J. en M. Schroor, 2005. De atlas van Huguenin. Militair-topografische kaarten van Noord-Nederland. 1819-1829. Heveskes Uitgevers, Groningen-Veendam.
    • Westera, J.M. 1995. Het Overijssels geslacht Westera uit Zalk. Vier eeuwen genealogie en geschiedenis. In eigen beheer uitgegeven via Familie Project Westera.
    • Werff-Bouman, D. 1984. Werff, een Nederlandse familie. 1584-1984. Uitgeverij Het Urkerland.
    • Wetering, J. van de. 2001. Vergeten levens. Geschiedenissen van het Sallandse land. Stichting IJsselacademie, Kampen.

     

    Ontsluiting van deze website

    Elke kwartierstaat is ontsloten met een eigen Index van namen. Door kwartierherhaling komen sommige namen in meerdere kwartierstaten (indexen) terug. Een goed voorbeeld is Anna Driesen van Dijk. Zij komt in drie kwartierstaten terug:

    De Atlas van de familiegeschiedenis kunt u beschouwen als een geografische index.

    Omdat veel familieleden in historische kranten hun sporen hebben achter gelaten, is er ook hiervoor een eigen index.

     

    Opbouw van de kwartierstaten

    De kwartierstaat geeft een overzicht van de voorouders van een persoon. De persoon van wie de kwartierstaat uitgaat is de kwartierdrager. De kwartierdrager heeft twee ouders, vier grootouders, acht overgrootouders, zestien betovergrootouders, enzovoort. Het hier toegepaste systeem nummert de personen en verdubbelen de nummers per generatie. De vader krijgt het dubbele nummer van het kind, de moeder het dubbele nummer plus één. De kwartierdrager is nummer 1. De ouders van de kwartierdrager zijn dan nummer 2 (vader) en 3 (moeder), de grootvader van vaderskant nummer 4 (=2*2), de grootmoeder 5 (=2*2+1), de grootouders van moeders kant nummer 6 (=3*2) en 7 (=3*2+1), enzovoort. Met uitzondering van de kwartierdrager hebben de mannen een even nummer en de vrouwen een oneven nummer.

    Onderzoek naar voorouders leidt tot een lange opsomming van namen. Inclusief alle wetenswaardigheden onstaat een omvangrijk document. Te groot om als één geheel op internet te plaatsen. De kwartierstaat van Elze is gesplitst na de vierde generatie. Elk van de acht overgrootouders krijgt een eigen kwartierstaat.

    Vanwege privacy-gevoelige informatie van in nog leven zijnde personen wordt de pagina van Elze niet vernieuwd en treft u uitsluitend een samenvatting van de informatie. De pagina’s van de overgrootouders worden wel vernieuwd.

     

    Het onlogische verschil tussen V en M

    In de kwartierstaten treft u achter de voorouders de verwijzingen [V] en [M] aan. Dit staat niet voor [vrouw] en [man]. Het lijkt tegenstrijdig, maar het staat juist voor [vader] en [moeder]. Met deze verwijzing neemt u telkens een stap terug in de tijd. Bij elk gezin worden ook de kinderen genoemd. Minimaal één kind verwijst naar de volgende, nieuwe generatie. Een stap voorwaarts in de tijd dus.

     

    Volledigheid bij ontrouw

    Leo Koenen heeft ooit een humoristisch en leerzaam verhaal geschreven over de volledigheid van een genealogisch onderzoek bij ontrouw van een van de partners. Helaas zijn anderen op internet met het verhaal er vandoor gegaan. In essentie komt zijn verhaal op het volgende neer.

    Je mag geloven dat de moeder ook de daadwerkelijke moeder is. Van de vader kan je dat niet altijd zeggen. Moederschap is een zekerheid, vaderschap een waarschijnlijkheid. Als 2% van de kinderen voortkomt uit overspel, dan is bij de eerste generatie 98% kans dat de vader op papier ook de daadwerkelijke vader is. Die kans herhaalt zich bij elke generatie. Na 15 generaties is de kans nog maar 74% dat de vader op papier de juiste is.

    Ontrouw komt en kwam vaker voor dan je zou denken. Koenen schrijft "Uit DNA-onderzoeken is gebleken dat (schrik niet) 5% tot 10% van de kinderen een andere vader hebben dan de juridische vader". Dat betekent dat na 12 generaties 54% tot slecht 28% zekerheid bestaat dat de voorvader op papier ook uw werkelijke voorvader is. Koenen vervolgt met "Het betekent dat er meer kans bestaat dat je als enthousiaste genealoog een verkeerde (vaderlijke) lijn aan het uitzoeken bent. Een frustratie waar je als genealoog maar liever niet aan denkt".

    Kans dat de naam van de vader klopt bij 2%, 5%, 10% en 15% ontrouw van de vrouw
    Generatie2%5%10%15%
    I 0.980.950.900.85
    II 0.960.900.810.72
    III 0.940.860.730.61
    IV 0.920.810.660.52
    V 0.900.770.590.44
    VI 0.890.740.530.38
    VII 0.870.700.480.32
    VIII0.850.660.430.27
    IX 0.830.630.390.23
    X 0.820.600.350.20
    XI 0.800.570.310.17
    XII 0.780.540.280.14
    XIII0.770.510.250.12
    XIV 0.750.490.230.10
    XV 0.740.460.210.09

    Het bovenstaande is nog maar de statistische benadering. In de praktijk leidt onvolledige en onjuiste wijze van documentatie in de DTB-registers tot interpretatiefouten. Daardoor is de kans dat we de verkeerde voorouderlijke lijn uitzoeken groter dan in de tabel staat gepresenteerd.

    In dit verband is het ook leerzaam het volgende verhaal te lezen Als het kind maar een naam heeft.

     

    Privacy

    De Wet Bescherming Persoonsgegevens geeft regels ter bescherming van de privacy van burgers. De Wet is niet van toepassing op gegevensverwerking voor persoonlijk of huiselijk gebruik. Dat betekent dat het verzamelen van gegevens ten behoeve van een stamboom is toegestaan. Publicatie van dit verzamelde materiaal valt buiten de persoonlijke sfeer en is daardoor onderhevig aan de Wet Bescherming Persoonsgegevens.

    Persoonsgegevens zijn alle gegevens waarmee een persoon uniek geïdentificeerd kan worden. Met andere woorden gegevens die te herleiden zijn tot één persoon. Ook gegevens van reeds overleden personen die leiden naar een levend persoon, vallen hieronder.

    Als richtlijn voor het publiceren van gegevens hanteren wij de data waarop actes uit de Burgelijke Stand beschikbaar worden gesteld. Overlijdensakten worden openbaar na 50 jaar, huwelijksakten na 75 jaar en geboorteakten na 100 jaar. Hiermee volgen wij WieWasWie (voorheen Genlias).

     

    Kwartierherhaling

    Bij kwartierherhaling stamt de kwartierdrager op meerdere manieren af van één voorouder. De betreffende voorouder komt dan twee keer in de kwartierstaat voor. In kleine of geïsoleerde gemeenschappen treedt al snel kwartierherhaling op. Hierbij valt te denken aan kerkelijke gemeenschappen, adellijke families of geografisch geïsoleerde streken of dorpen. Maar ook moet gedacht worden aan gearrangeerde huwelijken om bij vererving het familiekapitaal binnen de familie te houden.

    In de verschillende takken van de kwartierstaat van Elze treedt tien maal kwartierherhaling op.

    • Rouloff Korterinck huwt twee maal. Uit het eerste huwelijk met Essele krijgt hij een zoon Jacop. Uit het tweede huwelijk met Jenneken Driessen, krijgt hij een dochter Jenneken. Beide takken komen weer samen bij Anneken Veldmaet.

      NB: In onderstaande figuur komen beide takken samen bij Jan Jacobs Veldmaat x Jenneke Jansen Hesselinck. Dit echtpaar is slechts familie van elkaar. De kwartierherhaling treedt pas op bij een kind uit dit huwelijk, Anneken Veldmaet dus.

    • kwartierherhaling Rouloff Korterinck
    • Hendrik Mulder en Jannetje Schutte krijgen twee zonen, Gerrit en Jan. Beide takken komen weer samen bij Meeuwis Mulder.
    • kwartierherhaling Rouloff Korterinck
    • Dit is een lastige. Er is sprake van een drievoudige lus. Gerrit Hendriks en Hendrikje Dries krijgen twee zonen, Albert en Hendrik. De zoon van Hendrik staat aan de basis van een tweede, opnieuw drievoudige, kwartierherhaling. De kleinkinderen van Albert en Hendrik staan aan de basis van een derde kwartierherhaling. Uiteindelijk komen alle takken weer samen bij Hendrik van de Wetering.
    • kwartierherhaling Gerrit Hendriks en Hendrikje Dries
    • Ook dit is een lastige. Er is sprake van een dubbele lus, gecombineerd met nog twee kwartierherhalingen. Jan Cornelis van Zijll en Catharina Gerritsdr Crieck krijgen een zoon Cornelis en een dochter Pieterge. Vooral de lijn van Pieterge via de familie Van Oosterum is lastig. Te meer omdat het huwelijk tussen de kleindochter van Pieterge met Pieter Ariensz van Oosterum de basis vormt voor een nieuwe kwartierherhaling. Uit dit huwelijk volgt namelijk een dochter Willemtie en een zoon Cornelis. Beide takken komen weer samen bij Wilhelmina Margaretha Johanna Hoogendoorn.

      Beide onderstaande kwartierherhalingen spelen hier nog eens door heen.

    • Arie Gerrits Borst en Marichje Hendricx Oscamp krijgen een zoon Jacob en een dochter Willempje. Zes generaties later komen beide takken weer samen bij Wilhelmina Margaretha Johanna Hoogendoorn.
    • Symons Claasz Benschop en Niesje Pieters Brouwer krijgen een zoon Jan en een dochter Aaltje. Beide takken komen weer samen bij Ingje Oosterom.
    kwartierherhaling Jan Cornelis van Zijll en Catharina Gerritsdr Crieck

    Hoewel nog niet vastgesteld, vindt mogelijk nog drie maal kwartierherhaling plaats :